Terug

MEDICIJNEN  op  MAAT

 HomeAlgemeenZiektenMedicijnen

VAN  KRUID   tot MEDICIJN

MOEDER  NATUUR  als  APOTHEEK

inhoud

Kruidengeneeskunde  als  basis
Middelen  tegen  kanker
Ook  andere  middelen
Antibiotica
Schadelijkheid?

Kruidengeneeskunde  als  basis
Veel geneesmiddelen die op dit moment worden gebruikt, zijn volledig in het laboratorium ontworpen, al dan niet met behulp van ingewikkelde computermodellen. De kosten van de ontwikkeling van dergelijke nieuwe geneesmiddelen rijzen de pan uit: 200 tot 400 miljoen euro per medicijn is eerder regel dan uitzondering. Gemiddeld duurt het minstens tien jaar voordat zo’n middel op de markt wordt toegelaten.
Maar het ontwikkelen van nieuwe medicijnen kan ook anders. Uit de kruidengeneeskunde weten we dat in het plantenrijk zeer veel biologisch werkzame stoffen voorkomen. Dergelijke stoffen beschermen de plant tegen virussen, wormen, insecten en zelfs tegen vogels en zoogdieren. Andere stoffen in de plant zijn juist bedoeld om dieren te lokken die nodig zijn om stuifmeel of zaden van de plant te verspreiden. Geschat wordt dat het huidige arsenaal plantaardige stoffen met een medicinale werking afkomstig is uit ongeveer negentig verschillende plantensoorten. Als men bedenkt dat er naar schatting maar liefst 250.000 verschillende plantensoorten zijn, waarvan slechts een zeer klein deel is onderzocht op medische toepasbaarheid, dan is duidelijk dat er ongekende mogelijkheden zijn om nieuwe geneesmiddelen uit het plantenrijk te halen. Steeds meer farmaceutische bedrijven hebben dat ingezien en zijn nu naarstig op zoek naar bruikbare stoffen uit vooral de tropische regenwouden, waar de grootste diversiteit aan plantensoorten voorkomt. Soms worden zelfs plaatselijke traditionele genezers ingeschakeld omdat zij een indrukwekkende kennis hebben van de geneeskrachtige kruiden in hun leefgebied.

Middelen  tegen  kanker
Ruim een derde van de geneesmiddelen tegen kanker (de zogeheten cytostatica) die op dit moment in Nederland worden toegepast, is van natuurlijke oorsprong. Al vrij lang worden vincristine en vinblastine (Blastivin®) gebruikt bij de behandeling van leukemie. Deze stoffen worden gewonnen uit de maagdenpalm (Vinca rosea) op Madagaskar. Een veel recenter voorbeeld is de ontdekking van het cytostaticum paclitaxel (Paclitaxin®). Dit middel, dat tegenwoordig wordt toegepast tegen borstkanker, longkanker en kanker van de eierstokken, is afkomstig uit de bast van bepaalde taxusbomen die in de bossen aan de noordwestkust van Amerika groeien. Voor de behandeling van één patiënt zijn maar liefst drie tot zes bomen nodig. Een kuur met paclitaxel kost op dit moment vele duizenden euro’s. Men is dan ook naarstig op zoek naar andere bronnen van deze heilzame stof. Natuurbeschermers zijn echter bang dat er voorlopig nog veel bomen het loodje zullen leggen.

Ook  andere  middelen
Een ander recent voorbeeld van een succesvol plantaardig product is de ontdekking van het malariamiddel artemisinine. In de Chinese volksgeneeskunde wordt al tweeduizend jaar lang een aftreksel van de plant Artemisia annua (eenjarige alsem) gebruikt tegen ziekten met koorts. In de jaren zeventig van de vorige eeuw werd het actieve bestanddeel gevonden dat zeer werkzaam bleek te zijn tegen malariaparasieten. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) ontwikkelde onlangs een preparaat op basis van artemisinine, dat zeer effectief is bij de behandeling van patiënten met ernstige vormen van malaria. Bovendien bleek dat het werkzaam is tegen malariaparasieten die resistent zijn tegen andere malariamiddelen.
Niet alleen plantaardige bronnen zijn belangrijk voor nieuwe medicijnen. Ook schimmels en organismen uit de zee, zoals algen, wieren en sponzen, zijn bronnen van werkzame stoffen. Zo zijn in Nederland twee natuurlijke stoffen uit sponzen met een antivirale werking als geneesmiddel geregistreerd. Aciclovir (Zovirax®) is een middel tegen herpesinfecties, en cytarabine (Cytosar®) wordt gebruikt bij de behandeling van een bepaalde vorm van leukemie. Beide stoffen zijn in het laboratorium nagemaakt. Naar aanleiding hiervan onderzoekt men nu talloze andere sponzensoorten of ze biologisch actieve stoffen bevatten.

Antibiotica
Op een toptien van de belangrijkste geneesmiddelen staan antibiotica steevast op nummer één. Dat heeft natuurlijk alles te maken met het feit dat ziekten als longontsteking, tuberculose of pest, die vroeger veel dodelijke slachtoffers eisten, tegenwoordig heel goed te behandelen zijn met antibiotica. Wat velen niet weten, is dat de meeste antibiotica rechtstreeks afkomstig zijn van moeder natuur. De triomftocht van de antibiotica in de geneeskunde begon in de jaren veertig van de vorige eeuw met de komst van penicilline. In 1928 ontdekte de Britse arts-bacterioloog Alexander Fleming per toeval (‘gestrooi’ met petrischaaltjes) deze uit een schimmel afkomstige stof die de groei van ziekteverwekkende bacteriën bleek te onderdrukken. In de jaren vlak na de Tweede Wereldoorlog zocht men naarstig naar andere stoffen met zo’n zelfde antibiotische werking, maar dan uit andere schimmelsoorten en andere micro-organismen. Dit resulteerde in de introductie van belangrijke antibioticagroepen als
cefalosporinen, aminoglycosiden, tetracyclinen, macroliden enzovoort. Tegenwoordig worden deze uit de natuur afkomstige antibiotica nog steeds op grote schaal gebruikt, hoewel de oorspronkelijke stof na de zuivering chemisch nog wat wordt aangepast. Dat gebeurt vaak om een wat bredere medische toepassing mogelijk te maken.

Schadelijkheid?
Veel mensen denken dat stoffen van natuurlijke oorsprong in principe niet schadelijk zijn. Dat is een groot misverstand. Veel zware giffen, misschien wel de zwaarste giffen die we kennen, worden in de natuur gevormd. Dat betreft niet alleen slangengiffen of bijengiffen, maar ook de plantaardige stoffen die als geneesmiddel kunnen worden gebruikt. Veel van deze stoffen zijn immers bedoeld om de plant te beschermen tegen andere organismen uit de natuur die het voortbestaan van de plant bedreigen. De giftigheid van deze stoffen staat dus voorop. In sommige gevallen gaat het om een zeer speciale werking, die wij kunnen gebruiken bij de behandeling van een ziekte. Door de stof zeer laag te doseren kan de giftige werking heilzaam zijn bij ziekte. Zo kan een te hoge dosis digoxine (Lanoxin®) afkomstig van het vingerhoedskruid (Digitalis) een dodelijke werking hebben, terwijl het in de juiste (lage) dosering zeer heilzaam kan zijn voor hartpatiënten. Schadelijke bijwerkingen zijn echter nooit helemaal te voorkomen. De gedachte achter de huidige zoekacties naar medicijnen uit de natuur is simpelweg dat planten en andere organismen veel beter ingewikkelde chemische stoffen kunnen maken dan de mens met al zijn technische kennis. Het is dan ook te verwachten dat vele toekomstige geneesmiddelen vooral uit het tropische regenwoud zullen komen in plaats van uit de reageerbuis.

Steun 'Medicijnen op Maat':  een  OPROEP !

Terug